Inleiding

Hoe kom je er als leidinggevende nu achter of er vertrouwen is in jouw school? Uit recent onderzoek komt naar voren dat er drie duidelijk aanwijsbare voorspellende factoren te duiden zijn.
Als je deze drie factoren aantreft in jouw school dan mag je dus gevoeglijk de conclusie trekken dat er vertrouwen is. In onderstaande blog ga ik dieper in op deze drie factoren en ga ik tevens dieper in op wat jij als leidinggevende kunt doen om meer vertrouwen in je school te krijgen als je eenmaal hebt vastgesteld dat het aan vertrouwen ontbreekt.

Betrokkenheid

De eerste factor die ik wil benoemen is betrokkenheid. Als er in je school een hoge mate van betrokkenheid is dan is er een grote kans dat er vertrouwen is. Betrokkenheid betekent in dit kader dan ook meer dan dat je je leraren betrekt of betrokken houdt bij je school. Of dat je leraren zich betrokken voelen. Het betekent vooral of je leraren door jou als leidinggevende betrokken worden bij de school en alles wat er gebeurt. Let in dit verband ook op het verschil tussen je medewerkers die zich betrokken voelen of je leraren die betrokken worden. Voelen is in mijn beleving veel passiever dan worden.

Beslissingsvrijheid

De tweede factor in dit verband is de aanwezigheid van beslissingsvrijheid van je leraren. Kunnen en mogen je leraren zelfstandig beslissingen nemen? Bijvoorbeeld als het gaat om hun eigen werkplek? O f als het gaat om beslissingsvrijheid als het om de school gaat?
In mijn eigen werk als interim-directeur kom ik nogal eens leraren tegen die zo geconditioneerd zijn dat ze geen enkele beslissing zelf durven te nemen. Vaak spiegelen ze zich hierbij aan wat collega’s denken of doen. Zolang ze zelf maar niet de verantwoordelijkheid hoeven te dragen. Ook in de trainingen die ik geef over dit onderwerp ontmoet ik leidinggevenden en leraren die het op zijn minst lastig vinden om die beslissingsvrijheid te omarmen. Terwijl juist beslissingsvrijheid een heel belangrijke voorspeller is op de aanwezigheid van vertrouwen in de school.

Transparantie

Tenslotte wil ik in deze context transparantie noemen. Transparantie en vertrouwen hebben heel sterk met elkaar te maken. Rawlins (2008) zegt zelfs dat vertrouwen en transparantie niet los van elkaar kunnen staan. Anders gezegd kun je stellen dat de mate van transparantie in een school de mate van vertrouwen die je leraren in de school hebben voorspelt. Maar hoe ben je als leidinggevende transparant? Vaak helpt het om te zeggen wat je doet en te doen wat je zegt. Dat geeft je leraren vertrouwen in jou als persoon en als leidinggevende. Maak je leraren deelgenoot van je agenda. Geef ze inzicht in welke weg je met je school op gaat. Je zult merken dat dit bijdraagt aan het vertrouwen in jou als leider maar ook in het vertrouwen op schoolniveau.

Wat kun jij als leidinggevende doen?

Wat kun jij als leidinggevende nu met deze drie voorspellers van vertrouwen? Nu je ze kent kun je ze ook inzetten om je school, indien nodig, te transformeren tot een organisatie waarin veel vertrouwen heerst. Je kunt ze gebruiken om je school verder vorm en inhoud te geven. Je wilt toch ook dat jouw school een school is waar je leraren betrokken worden bij alles wat de school aangaat? Daarbij komt dat je leraren die betrokkenheid tonen door actieve inspraak te hebben. Dit maakt wel dat je school een school moet zijn waar je leraren graag bij willen horen. Een school waarbinnen (naast je leerlingen), je leraren centraal worden gesteld en er zo veel als mogelijk verantwoordelijkheden bij hen liggen. En daar komt jouw leiderschap om de hoek kijken. Want hoe krijg jij een school waar je leraren graag bij willen horen? Niet zo moeilijk hoor: een heldere visie en missie doen wonderen! Op basis hiervan kunnen je leraren zich wel of niet committeren aan je school en eventueel andere keuzes maken.

Ontwikkeling

Hoe kun jij als leidinggevende invloed hebben op de beslissingsvrijheid van je leraren? Hoe werk jij aan het geven van mogelijkheden aan je leraren om te doen wat ze denken dat goed is voor hun klas of voor de schoolontwikkeling? Dit betekent als automatisch dat jij werkt met een zo plat als mogelijke organisatiestructuur waarin jij veel delegeert en waarin je leraren de ruimte hebben om hun werk zelfstandig in te vullen. Een school waar ruimte is om te experimenteren en waar fouten maken wordt gedoogd en wordt gezien als een belangrijke factor om te leren. Het gaat hierbij niet alleen om de inhoud van de leraarsfunctie maar ook wat er allemaal geregeld moet worden op schoolniveau. Daarom pleit ik er voor om scholen zo weinig mogelijk staffuncties te laten hebben; de leraren regelen zelf veel taken zoals hun werktijden, hun opleidingen, hun lesinhoud en de apparatuur die ze willen inzetten.

Wat doe jij als leidinggevende aan een transparante schoolorganisatie? Hoe werk je daar aan? Een belangrijk element is dat je communicatie transparant is. Niet alleen voor je leraren maar voor iedereen die bij je school betrokken is. Dat houdt ook in dat jij de juiste informatie tijdig, open en transparant geeft of zegt waar deze te vinden is. En jouw eigen communicatie is ook transparant. Naar iedereen toe. Binnen en buiten je school.

Je merkt wel dat de drie factoren die van invloed zijn op de mate van vertrouwen in een school wel degelijk eisen stellen aan jouw manier van leidinggeven. Deze moet er op gericht zijn om zoveel als mogelijk zaken te delegeren. Inclusief de er bij horende verantwoordelijkheden en eventueel budget. Dat gaat er een bijdrage toe leveren dat je leraren zelfvertrouwen opbouwen zodat ze deze verantwoordelijkheden ook aankunnen. Jij faciliteert dus eigenlijk de groei van vertrouwen in je school en bij je leraren. Tegelijkertijd zijn je leraren grotendeels verantwoordelijk voor de opbouw en het behoud van de cultuur van vertrouwen die er ontstaat. Net als het transparant communiceren van informatie binnen en buiten je school.

Bouwen aan vertrouwen.

Om als organisatie aan vertrouwen te werken is het dus van belang om aan alle factoren te werken. Als interim-directeur zie ik regelmatig vertrouwen en betrokkenheid ontstaan wanneer ik als leidinggevende echt werk maak van deze factoren. Wanneer ik bijvoorbeeld echt informatie geef over de “staat van de school” en de leraren actief betrek en inspraak geef. En dat is niet altijd even eenvoudig. Maar mijn ervaring heeft geleerd dat het wel werkt. Het was opvallend te zien dat, toen ik afscheid nam voor de zomervakantie van mijn opdrachtschool, hoe vaak het woord vertrouwen in hun afscheidswoordjes en – kaartjes voor kwam. En dat gaf mij een goed gevoel. Vooral omdat dat eens te meer duidelijk maakte dat vertrouwen er wel degelijk toe doet!